Getroffen door blauwtong

door buikberg

Lap, het noodlot heeft nu wel echt toegeslagen op de Buikberg… Als je weet dat we intussen een klantnummer bij Rendac hebben, gedurende een week ongeveer 200 euro aan veeartskosten hebben uitgegeven en heel blij zijn dat we in augustus regelmatig vakantie hebben, dan kan je al raden dat we toch wel serieus getroffen zijn door de blauwtong-epidemie. De eerste die eraan moest geloven was mama Emma. We hadden onze les wel geleerd na de myasis: de eerste dag had ik al door dat ze wat ziek was (platte oren, veel liggen, weinig grazen) en de tweede dag werd de veearts al verwittigd. Die wist onmiddellijk wat er aan de hand was, we waren ongeveer de dertigste oproep in twee dagen… Ze had niet echt veel slijmen (kenmerkend voor blauwtong), maar ze had voldoende koorts om de behandeling te starten. Na de hele uitleg over de ziekte aanhoord te hebben, werd Emma met veel moeite gevangen (zo kwiek was ze nog wel), kreeg ze haar eerste ‘cocktail’ ingespoten en gingen we weer over tot wit-gele kruis spelen (lees: brood geven, zelf gras afdoen en voor haar neerleggen). Na twee à drie dagen kwam de veearts voor de twee inspuiting, maar gelukkig was Emma al zo verbeterd dat ze weer zelf graasde en alweer een beetje kreupel rondliep. Toen was ook lam Louise ook al niet meer gezond. Ze had duidelijk last van slijmen (neus, mond) en was heel tam (constant liggen, amper met de kudde meekunnen). Ze kreeg dezelfde dag nog haar eerste inspuiting, maar het wit-gele kruis had bij haar weinig effect… ze weigerde elk voedsel! Geweekte muesli, brood, gras, het maakte allemaal niet uit. Na een dag werden er dus drastischere methodes ingevoerd (vermagering door niet te kunnen eten is immers de belangrijkste doodsoorzaak bij blauwtong, niet het virus zelf): ik ving haar enkele keren per dag en verplichtte haar om een kom muesli uit te eten, waarbij ik haar kaken van elkaar duwde en de muesli binnenpropte. Wanneer de veearts terugkwam voor de twee inspuiting, was ze nog steeds zeer tam, maar ze vermagerde niet echt dus het leek wel in orde te komen. Na weer twee dagen kreeg ze nog een derde inspuiting, en vanaf dan leek het iets beter te gaan. Ze toonde interesse als de andere schapen korrels kregen, dus we besloten om haar ook wat bietenpulpkorrels te geven. En dan gebeurde het: ze was zo gulzig dat ze de korrels opschrokte zonder goed te kauwen, maar door de grote slijmproductie bleef de zwellende brij steken in haar keel… De veearts had ons er nog voor gewaarschuwd dat blauwtong-schapen slikproblemen hebben en dat ze dus eigenlijk geen droge korrels (tenzij geplet zodat het geen cilinders meer zijn die in hun geheel opzwellen) mogen eten omdat ze dan kunnen stikken. Maar we dachten dat ze beter was… Ze liep hoestend en proestend door de wei, we volgden haar en probeerden haar te kalmeren. Dan zakte ze al hoestend in elkaar. Ik belde in paniek naar de veearts, maar het enige wat hij kon zeggen was: achterhand omhoog houden zodat de zwaartekracht misschien wat meewerkt, en eventueel met iets lang en smal proberen haar slokdarm weer wat vrij te maken. Dit hielp echter niet, enkele minuten later gaf ons Louise de geest… We zijn er serieus aangedaan, zeker omdat we goed beseffen dat we hier zelf een fout hebben gemaakt… Ze werd in een kruiwagen afgevoerd, de veearts belde nog even om te horen hoe het geweest was, en Rendac werd voor de eerste keer in onze ‘carriere’ verwittigd. De rest van de kudde leek er ook niet goed van (ze stonden gelukkig op een grote afstand toen ze stierf), vooral Julien leek zijn zusje te missen. Gelukkig hebben schapen een kort geheugen, een dag later zijn ze Louise alweer vergeten. Maar wij niet.

Advertenties